Paragraaf Financiering

Inleiding

Terug naar navigatie - Paragraaf Financiering - Inleiding

In deze paragraaf wordt verantwoording afgelegd over de uitvoering van het beleid op het gebied van treasury. Hierbij wordt ingegaan op de manier waarop de gemeente met het aantrekken en uitzetten van geldmiddelen, zowel op korte als op langere termijn, is omgegaan. Tevens worden de risico’s in beeld gebracht en eventuele genomen maatregelen om deze risico’s te beheersen vermeld.

De advisering over en de uitvoering van de gemeentelijke financieringstaken wordt verzorgd vanuit de Servicegemeente Dordrecht (SGD). Besluitvorming over de financiering blijft bij de gemeente behalve als het specifiek gemandateerd is. De toedeling van de bevoegdheden (wie autoriseert, wie voert uit) is vastgelegd in het gemeentelijke Financieringsstatuut.

Economische ontwikkelingen
Het afgelopen jaar is de rente voor looptijden korter dan een jaar gedaald. Dit komt doordat de inflatie gedaald is en de ECB daarop de beleidsrente in stappen heeft verlaagd. De verwachting is dat de beleidsrente in 2025 verder zal worden verlaagd en de eerste verlaging is begin februari al doorgevoerd. De rente die we op schatkisttegoeden ontvangen beweegt mee met de beleidsrente waarbij de schatkistrente altijd circa 10 basispunten lager ligt dan de beleidsrente.

De rente op gemeenteleningen langer dan een jaar is iets gedaald. Wat opvallend is, is dat de onderliggende marktrente (IRS) scherper is gedaald dan de tarieven voor gemeenteleningen. De gemeente betaalt dus meer opslag als zij een nieuwe lening aantrekt. De opslag varieert van 20 basispunten voor een lening van 5 jaar tot 70 basispunten voor een lening van 30 jaar zonder tussentijdse aflossing. In een jaar tijd zijn de opslagen met circa 10 tot 20 basispunten toegenomen afhankelijk van de looptijd. Een verklaring voor deze hogere opslagen kan zijn dat overheidsschulden in Europa en wereldwijd toenemen waardoor er veel vraag is naar financiering. Dat geeft een opwaartse druk op de prijs.

In deze paragraaf is de grafiek opgenomen waarin het verloop van zowel de korte als de lange rente gedurende 2024 is weergegeven. Daarin komt naar voren dat de korte rente een stuk is gedaald en naar de lange rente toe is bewogen.

Bedacht moet worden dat, indien een langlopende lening daadwerkelijk wordt opgenomen er opslagen gelden bovenop het IRS-tarief zoals hierboven weergegeven. Voor een 10-jaars lening bedraagt dit op het moment van schrijven circa 60 basispunten.

Financieringspositie

Terug naar navigatie - Paragraaf Financiering - Financieringspositie

Financiering activa
De activa van de gemeente Sliedrecht zijn per 31 december 2024 als volgt gefinancierd.

Interne rente
Voor de interne doorberekening van de rentekosten naar de investeringen hanteren we een omslagrente van 0,01%. De BBV notitie rente schrijft voor dat indien de werkelijke rentelasten die over een jaar aan taakvelden hadden moeten worden doorbelast afwijken van de rentelasten die op basis van de voorgecalculeerde renteomslag aan de taakvelden zijn toegerekend, de gemeente kan besluiten tot correctie. Correctie wordt verplicht gesteld indien deze afwijking groter is dan 25%.

In onderstaand renteschema worden de werkelijke rentelasten uiteengezet, die gezamenlijk het renteresultaat bepalen.

Er is sprake van een voordelig rente resultaat van € 802.000. Dit is het gevolg van het feit dat we leningen hebben aangetrokken die nog niet zijn besteed. Daarnaast zijn er voor miljoenen beschikte subsidie bedragen door het Rijk voorgeschoten. Als gevolg hiervan is de rente die we via de schatkist ontvangen is hoger dan de te betalen rente, waardoor er een positief resultaat ontstaat.

Per saldo is er hierdoor sprake van een afwijking van meer dan 25%, toch heeft er geen herberekening plaatsgevonden. Het verschil zou lager uitvallen wanneer we een negatieve rente zouden hanteren. De negatieve rente is echter het resultaat van treasury beleid en beheer en wordt dan ook niet daadwerkelijk aan de taakvelden toegerekend, maar blijft op het taakveld treasury als baat staan (bron Notitie Rente 2023 commissie BBV, pagina 4).  

Leningenportefeuilles

Terug naar navigatie - Paragraaf Financiering - Leningenportefeuilles

Relatiebeheer
De Bank Nederlandse Gemeenten (BNG) is huisbankier van de gemeente Sliedrecht. Naast de BNG houdt de gemeente een rekeningcourant aan bij de Rabobank.

Uitzettingen (verstrekte leningen)
Uitzettingen zijn binnen de Wet fido gedefinieerd als verstrekte geldleningen en beleggingen. De gemeente heeft geen beleggingen. In januari 2024 is de kortlopende lening van circa vier maanden verstrekt in 2023 aan gemeente Barendrecht terugontvangen. In december zijn er twee kortlopende leningen verstrekt, een aan GR Havenschap Moerdijk voor € 16,4 miljoen, met een looptijd van circa 2 maanden tegen een rentetarief van 3%. De tweede is verstrekt aan Gemeente Tilburg voor € 10 miljoen, met een looptijd van circa 3 maanden en een rentetarief van 2,9%.

In 2024 zijn er geen nieuwe langlopende leningen verstrekt. Voor een specificatie van de totale portefeuille aan lopende uitzettingen zie verderop in deze paragraaf onder kredietrisico's.

Aangetrokken leningen
In 2024 zijn er voor de gemeente Sliedrecht geen nieuwe langlopende leningen aangetrokken. De totale langlopende schuld bedroeg per 31 december 2024 afgerond € 33,8 miljoen. De gemiddelde rente over deze leningen bedroeg per eind 2024 1,21%.

Risicobeheersing

Terug naar navigatie - Paragraaf Financiering - Risicobeheersing

De belangrijkste financiële risico’s bij de uitvoering van het treasurybeleid zijn de kasgeldlimiet, de renterisico’s en de kredietrisico’s. 

Kasgeldlimiet
De kasgeldlimiet is het bedrag dat de gemeente per jaar maximaal met kort geld mag financieren. Volgens de Wet fido bedraagt deze limiet 8,5% van het totaal van de exploitatiebegroting. Gezien de omvang van de begroting 2024 (€ 93,3 miljoen) betekende dit dat de gemeente Sliedrecht haar financiële huishouding voor maximaal circa € 7,9 miljoen met kort geld mocht financieren. In onderstaande tabel is het verloop van de gemeentelijke kortlopende middelen in 2024 ten opzichte van de kasgeldlimiet weergegeven. Uit deze tabel blijkt dat de gemeente Sliedrecht deze limiet niet heeft overschreden. 

Renterisiconorm
De renterisiconorm heeft tot doel om binnen de portefeuille aan langlopende leningen een overmatige afhankelijkheid van de rente in een zeker jaar te voorkomen. Om dat te bereiken mag het totaal aan renteherzieningen en aflossingen op grond van deze norm niet meer dan 20% zijn van het begrotingstotaal. In 2024 bedroeg de renterisiconorm van de gemeente Sliedrecht € 18,7 miljoen. Uit onderstaande berekening blijkt dat de gemeente Sliedrecht in 2024 ruim binnen de renterisiconorm is gebleven. 

Kredietrisico's 
De gemeente Sliedrecht loopt kredietrisico op uitzettingen (o.a. verstrekte geldleningen) en leningen waarop door haar een borgstelling is afgegeven. 

Het in bovenstaande tabel weergegeven bedrag aan uitzettingen per 31 december 2024 van € 2.264.000,- kan als volgt worden gespecificeerd:

  1. Stimuleringsfonds Volkshuisvesting:
    o    VROM Startersfonds € 1.489.000;
    o    Duurzaamheidsrekening € 693.000;
  2. Diverse renteloze leningen t.b.v. lokale maatschappelijke organisaties: € 10.000.

De specificatie van afgegeven borgstellingen is als volgt:

Sinds 1 augustus 2021 geldt een nieuwe achtervangovereenkomst ten aanzien van de WSW (Waarborgsfonds Sociale Woningbouw). De wijzigingen die zijn doorgevoerd in deze nieuwe overeenkomst leidt tot een andere toerekening van de achtervangpositie aan de gemeente. Dit betekent dat als een lening voor 1 augustus 2021 is afgesloten deze voor 100% meetelt in de verdeelsleutel (dit is identiek aan de systematiek van vorig jaar). Is de lening na 1 augustus 2021 afgesloten, dan is de verdeelsleutel gelijk aan het percentage van marktwaarde van het DAEB-bezit van de betreffende corporatie dat in de gemeente Sliedrecht ligt. Daarnaast is nieuw dat de gemeente borg staat voor een obligolening. Deze lening kan worden aangesproken indien er geld nodig is om grote verliezen te dekken en de obligoheffing van corporaties niet voldoende is.

 

Schatkistbankieren

Terug naar navigatie - Paragraaf Financiering - Schatkistbankieren

In 2024 mocht de gemeente bij het verplicht schatkistbankieren een bedrag van 2,0% van het begrotingstotaal buiten de Schatkist houden, het zogenoemde drempelbedrag. Het drempelbedrag mag als gemiddeld creditbedrag per kwartaal niet overschreden worden.

In onderstaande tabel staat per kwartaal aangegeven wat het gemiddelde positieve banksaldo was. Hieruit blijkt dat in 2024 het drempelbedrag van € 1.867.000 geen enkel kwartaal is overschreden.

In 2024 werd er rente vergoed op positieve banksaldo's en de schatkistrekening bij het Rijk en was er rente verschuldigd op negatieve banksaldo's.