Paragraaf Financiering

Inleiding

Terug naar navigatie - Paragraaf Financiering - Inleiding

In deze paragraaf komen de onderwerpen aan de orde die behoren tot het geldstromenbeleid van de gemeente. Dit zijn risicobeheer (met name rente- en kredietrisico), de financierings- en schuldpositie en het kasbeheer.

Het Financieringsstatuut vormt het kader voor beleid en uitvoering van de treasuryfunctie. Afhankelijk van de hoogte en de verwachte duur van het liquiditeitstekort of –overschot, wordt vermogen tijdelijk of langdurig aangetrokken of tijdelijk uitgezet. Het uitgangspunt bij het aantrekken van vermogen is dat de kasgeldlimiet optimaal benut wordt. Benadrukt wordt dat de financieringsfunctie van de gemeente Sliedrecht uitsluitend de publieke taak dient en dat een prudent beleid gevoerd wordt binnen de kaders die zijn gesteld in de Wet financiering decentrale overheden (Wet fido).

Rente ontwikkelingen
De tarieven op de geldmarkt (kortlopende leningen) volgen het tarief dat de ECB hanteert met haar depositorente. Na enkele jaren van stijgingen, met een percentage van 4% als hoogste stand, had de ECB dit tarief in stappen van een kwart procentpunt (0,25%) verlaagd tot 2,00%. Intussen is de weg omhoog weer ingezet en bedraagt het tarief, na een verhoging in juni, 2,25%.

Het rentetarief op langlopende gemeenteleningen is op dit moment het hoogst voor aflossingsvrije leningen met een looptijd van 20 tot 30 jaar. Het tarief bedraagt circa 3,95%, inclusief een liquiditeitsopslag van ongeveer 55 basispunten voor 20 jaar en 65 basispunten voor 30 jaar. Kortere looptijden zoals 5 jaar met lineaire aflossing zijn een stuk goedkoper met een rentetarief van circa 3,20% inclusief een liquiditeitsopslag van circa 15 basispunten (0,15%). De liquiditeitsopslagen zijn iets afgenomen, maar historisch gezien nog steeds erg hoog. Mogelijke verklaringen zijn de toenemende overheidsschuld wereldwijd waardoor er veel vraag is naar financiering en het afbouwen van de portefeuille staatsobligaties door de ECB.

Het afgelopen jaar heeft de rente zich als volgt ontwikkeld: 

Financieringspositie

Terug naar navigatie - Paragraaf Financiering - Financieringspositie

Financiering activa
De activa van de gemeente Sliedrecht zullen per begin 2027 naar verwachting als volgt gefinancierd zijn:

Renteschema
Voor de interne rente sluiten wij aan op de voorschriften uit de BBV-notitie rente, waarbij wij geen rente rekenen over het eigen vermogen (anders dan de reserves voor dekking kapitaallasten) en de voorzieningen. Uit deze berekening komt een omslagrente van afgerond 0,01%. Dat de rente niet wordt gesteld op nihil heeft een technische reden (het financiële systeem heeft een waarde nodig).

Het saldo van de rente zoals genoemd onder I is negatief. Dit is een vrij unieke situatie omdat we niet mogen werken met een negatieve omslagrente. Er wordt daarom een omslagrente gehanteerd van 0,01%. Dit leidt tot een afwijking die groter is dan 25%, wat in principe moet leiden tot een herrekening van het gehanteerde percentage, zodat de afwijking kleiner wordt. Het is echter niet mogelijk een wettelijk toegestaan percentage te kiezen dat leidt tot een afwijking kleiner dan 25%.

Risicobeheersing

Terug naar navigatie - Paragraaf Financiering - Risicobeheersing

Risicobeheersing vormt één van de pijlers van de Wet fido. De belangrijkste risicoaspecten die verbonden zijn aan de uitvoering van de gemeentelijke treasuryfunctie betreffen rente- en kredietrisico's. Renterisico’s moeten vanuit de Wet fido beoordeeld worden op de korte en op de langlopende schuld.

Renterisico op korte schuld: de kasgeldlimiet
Met de kasgeldlimiet is in de Wet fido een norm gesteld voor het maximum bedrag waarop de gemeente haar financiële bedrijfsvoering met kortlopende middelen (looptijd <1 jaar) mag financieren: 8,5% van het begrotingstotaal. Voor 2027 kan de kasgeldlimiet als volgt worden bepaald:

De gemeente Sliedrecht verwacht pas eind 2027 kasgeldleningen te moeten aantrekken.

Bij beoordeling van een eventuele financieringsbehoefte zal de kasgeldlimiet optimaal worden benut. De meest actuele liquiditeitenplanning geeft aan dat er in 2027 geen nieuwe langlopende leningen nodig zijn.

Renterisico op langlopende schuld: de renterisiconorm
De Wet fido definieert vaste schuld als opgenomen geldleningen met een rente typische looptijd groter of gelijk aan 1 jaar. Met de renterisiconorm biedt de Wet fido een richtsnoer om renteaanpassingen van financieringen en beleggingen goed in de tijd te spreiden. De norm heeft als doel om het toekomstig renterisico op de lange financiering te beperken door spreiding in de aflossingen en renteherzieningen af te dwingen. Deze norm bedraagt 20% van het begrotingstotaal en bedraagt voor Sliedrecht in 2027 € 22,7 miljoen.

Conform voorschrift van de geactualiseerde Wet fido wordt het renterisico in onderstaande tabel voor de komende vier jaren bepaald, terwijl de renterisiconorm alleen betrekking heeft op het totaal van de begroting van het komende jaar.

Uit deze opstelling blijkt dat de gemeente Sliedrecht in 2027 ruimschoots binnen de renterisiconorm blijft.

Kredietrisico’s

Terug naar navigatie - Paragraaf Financiering - Kredietrisico’s

Kredietrisicobeheersing richt zich op de kredietwaardigheid (en dus het risicoprofiel) van de tegenpartijen bij financiële transacties. Kredietrisico’s kunnen worden gelopen vanuit uitzettingen (verstrekte geldleningen, beleggingen) of uit verleende garanties.

Verstrekte geldleningen
Ingedeeld naar risicocategorie kan voor 2027 het volgende verloop worden verwacht:

Het hierboven bij Openbare lichamen vermelde bedrag betreft de deelneming in, dan wel leningen verstrekt uit hoofde van, het Stimuleringsfonds Volkshuisvesting (SVn). Het bedrag bestaat uit drie onderdelen: startersleningen, duurzaamheidsleningen en het rekening courant saldo bij de SVn (beschikbaar voor leningen). Het bedrag van € 2,2 miljoen is revolverend, wat betekent dat aflossingen op de leningen op de rekening courant komen waarmee nieuwe leningen kunnen worden gefinancierd.

De overige langlopende leningen betreffen (oude) renteloze leningen aan verenigingen in Sliedrecht. Ultimo 2028 zullen deze allemaal zijn afgelost.

Verleende garanties
De borgstellingen kunnen als volgt worden gespecificeerd naar risicogroep:

De specificatie van de bedragen uit de tabel borgstellingen is als volgt: 

Kas- en saldobeheer

Terug naar navigatie - Paragraaf Financiering - Kas- en saldobeheer

De inrichting van het betalingsverkeer (het beheer van het gemeentelijke rekeningstelsel, het coördineren van bevoegdheden en het verrichten van feitelijke betalingen) alsmede de saldoregulatie wordt verzorgd vanuit Bedrijfsvoering Drechtsteden (BD) voorheen Servicegemeente Dordrecht. Gemeente Sliedrecht onderhoudt bankrelaties met de Bank Nederlandse Gemeenten en de Rabobank.

Een hulpmiddel bij de saldoregulatie en voor het eventueel opnemen van langlopende financiering is de meerjarige liquiditeitenplanning, welke door BD in nauw overleg met de gemeente is opgezet. Deze planning wordt periodiek geactualiseerd op grond van nieuwe informatie of inzichten.

De bankrekening van de personeelsvereniging staat juridisch ook op naam van de gemeente, maar is praktisch geen eigendom. 

Schatkistbankieren

Terug naar navigatie - Paragraaf Financiering - Schatkistbankieren

Bij het verplicht schatkistbankieren mag de gemeente een bedrag van 2% van het begrotingstotaal buiten de Schatkist houden, het zogenoemde drempelbedrag. Het drempelbedrag mag als gemiddeld creditbedrag per kwartaal niet overschreden worden. Wanneer de gemeente het drempelbedrag overschrijdt dient het meerdere afgestort te worden in 's Rijks Schatkist. Over dit saldo wordt medio 2026 rente vergoed van ongeveer 2,15%. Dit tarief beweegt mee met de beleidsrente van de ECB en kan in een tijdsbestek van maanden sterk stijgen of dalen.

Het drempelbedrag voor de gemeente Sliedrecht voor 2027 kan als volgt worden berekend:

Informatievoorziening

Terug naar navigatie - Paragraaf Financiering - Informatievoorziening

Enkele keren per jaar vindt een overleg plaats met Bedrijfsvoering Drechtsteden (BD) over de voortgang en uitvoering van de treasuryzaken. Indien daartoe vanuit de gemeente of vanuit BD behoefte dan wel noodzaak wordt gevoeld, vindt daarnaast ook contact op incidentele basis plaats. Voor zover relevant zullen door BD rapportages worden opgeleverd voor in- of extern gebruik.

EMU-saldo

Terug naar navigatie - Paragraaf Financiering - EMU-saldo

Het begrotingssaldo van een land laat zien of dat land een overschot of een tekort op zijn overheidsuitgaven heeft. Het EMU-saldo is het vorderingensaldo van de totale overheid. Daarin tellen 
dus niet alleen de financiën van de rijksoverheid mee, maar ook die van decentrale overheden als gemeenten, provincies en waterschappen én premie-gefinancierde sectoren als sociale zekerheid en zorg. Voor de gemeente Sliedrecht is het EMU-saldo als volgt opgebouwd: 

De begroting van onze gemeente is opgesteld conform een (gemodificeerd) stelsel van baten en lasten. Het EMU-saldo gaat niet uit van baten en lasten, maar van ontvangsten en uitgaven, berekend op transactiebasis en overeenkomstig de voorschriften van het Europese systeem van nationale en regionale rekeningen in de Europese Unie. 
Volgens Europese regelgeving mogen EU-lidstaten een begrotingstekort (EMU-saldo) hebben van maximaal 3% van het bruto binnenlands product (BBP). Naast de Rijksoverheid hebben ook de 
decentrale overheden een aandeel in dit maximale tekort.